Omdat ik vaak de vraag gesteld krijg wat pastel of pastelkrijt is, heb ik wat informatie bijeen gevoegd.

Ikzelf gebruik verschillende soorten pastelkrijt van verschillende fabrikanten omdat daardoor een breder scala aan kleuren en diversiteit in hard en zachtheid van het materiaal verkregen wordt.

Pastelkrijt bestaat uit pigmenten die samen met kalkof gips samengeperst zijn tot een rond krijtje; als bindmiddel wordt een gom gebruikt; traditioneel Arabische gom of traganth, tegenwoordig meestal een cellulosegom. Het materiaal is zeer zacht en kan net zoals houtskool makkelijk uitgewreven worden. De meeste merken geven van iedere tint een gradatie naar wit door de hoeveelheid kalk te vergroten. Dit is de oorsprong van de term "pasteltint". Bij de duurste merken hebben de stiften op volle kleursterkte helemaal geen kalkcomponent en bestaan dan uit vrijwel zuiver pigment.

Pastelkrijt is dekkend. Dit heeft als voordeel dat het gebruikt kan worden op wit,  gekleurd of zelfs zwart papier. Daarmee kan met weinig middelen een bijzonder resultaat bereikt worden, doordat de kleur van het papier als middentoon dient ter beheersing van de tonaliteit van het werk.

Het mengen van kleuren is bij pastel zeer lastig; het kan tot stand gebracht worden door uitwrijving met de hand of met een doezelaar maar dit maakt een expressieve tekenachtige stijl onmogelijk. Daarom schaffen pastellisten zoveel mogelijk verschillende tinten aan. In de jaren zestig leidde dit tot assortimenten van meer dan duizend kleuren. Aangezien echter pastels door de grote breekbaarheid handmatig verpakt moeten worden, hebben tegenwoordig de meeste merken hun reeksen teruggebracht tot rond de tweehonderd tinten om de loonkosten te drukken. Hierdoor is het weer populair geworden zelf pastels te vervaardigen. De methode is zeer eenvoudig: men mengt gebluste kalk met een pigment door toevoeging van een oplossing in water van Arabische gom. Als de massa een deegachtige consistentie heeft verkregen, kan men haar met de hand in de gewenste vorm kneden of rollen of in een mal drukken. Na droging is de pastel klaar. De verlangde tint en hardheid wordt naar wens bepaald door de hoeveelheid kalk en gom te variëren. De zuivere materiaalkosten zijn ongeveer een tiende van de aanschafprijs van een pastel in de winkel. Sommige tinten kan men alleen verwerven door bijmenging van een zwart pigment. Deze methode heeft één eigenschap die als mogelijk nadeel kan worden beschouwd: de stiften worden niet, zoals bij commercieel vervaardigd pastel, onder hoge druk ineengeperst. Daardoor is een grotere gomcomponent nodig om breuk te voorkomen, wat betekent dat ze ook bij het tekenen harder zullen blijven. Het Britse merk Winsor & Newton gebruikt bij zijn in 1997 geïntroduceerde pastelreeks kennelijk helemaal geen gom, zodat de stift onder lichte druk al verkruimelt, wat een extreem zachte toets oplevert.

Zelf gebruik ik nooit een doezelaar maar werk hoofdzakelijk met een kneedgum waarmee ik het pigment verspreid of dieper in het papier druk waardoor de kleur expressiever wordt. Ik fixeer met een fixeerspuitje tijdens en na het wordingsproces met in alcohol (96%) opgeloste blanke schellak, soms wel tot 6 à 8 lagen over elkaar heen.

Een beroemde kunstenaar die op het eind van de 19e eeuw veel met pastelkrijt werkte was Edgar Degas.